Roze in beeld

Docentenhandleiding Maatschappijleer

Bij de kaartjes van Les 1

Doel

Het bespreekbaar maken van de eigen opvattingen over homoseksualiteit zonder te oordelen.

Opzet

Er is een set kaarten met uitspraken en stellingen over homoseksualiteit. Op de kaartjes staan prikkelende stellingen, uitspraken of vragen die leerlingen aan elkaar stellen.

De eerste leerling krijgt de stapel met kaartjes en stelt de vraag aan een andere leerling. Die leerling reageert/antwoordt. Vervolgens antwoordt/reageert de eerste leerling zelf ook op die vraag/stelling. Daarna stelt de docent eventueel nog vragen aan die twee leerlingen om een en ander nog meer te verhelderen. Tenslotte mogen leerlingen uit de klas reageren of vragen stellen.

De leerling die de vraag gesteld kreeg, krijgt nu de stapel met kaartjes en het geheel herhaalt zich.

Als docent kun je het geheel wat sturen door als voorwaarde te stellen dat ze het kaartje niet mogen voorleggen aan iemand waar zij naast zitten. Zo wordt voorkomen dat alleen vrienden/vriendinnen gevraagd worden.
Als iemand in een klas probeert een ander voor schut te zetten of te shockeren door een vraag te stellen waarvan hij verwacht dat de andere leerling er niet zo snel antwoord op durft te geven, dan kun je als docent simpel ingrijpen door eerst de vragensteller het antwoord te laten geven. De ander heeft dan de kans om daar bij aan te sluiten.

Als de sfeer echt onveilig is in een klas, dan is dit een werkvorm die minder goed werkt. Soms blijkt een klas het toch aan te kunnen met strikte afspraken. Om de veiligheid te vergroten kan deze werkvorm in een kring worden uitgevoerd. Leerlingen kijken elkaar dan makkelijker aan wat het onderlinge contact en dus de veiligheid kan bevorderen.

Behalve de set met kaartjes over homoseksualiteit is er ook een set over seksualiteit en relaties. De kaartensets kunnen afzonderlijk of door elkaar heen gebruikt worden.

Download de pdf met de kaartjes

Bij observatieformulier van Les 1

Doel

Inzicht geven in het eigen referentiekader.

Opzet

De leerlingen vullen het observatieformulier in. De informatie beperkt zich in eerste instantie tot wat zij zien: de foto. Als je iemand ziet vorm je je direct een beeld van een persoon. Dat gebeurt voor een groot deel onbewust. Juist dit onbewuste toekennen van beelden aan personen wordt voor een groot deel bepaald door het referentiekader.

Leerlingen krijgen zo inzicht in een deel van hun eigen referentiekader. Als de leerlingen het formulier hebben ingevuld, dan toont de docent de filmfragmenten die erbij horen waar de personen hun beroep uitoefenen dan wel waardoor zij bekend zijn.

Het betreft allemaal mensen die homoseksueel/lesbisch zijn. De beeldvorming rond deze groep mensen kan dan besproken worden met de leerlingen. In hoeverre voldeden die personen wel/niet aan het (stereotype) beeld dat de leerling ervan had.

De twee onderdelen van de les 1 kunnen zowel uitgebreid behandeld worden als beperkt. Bij uitgebreide behandeling is de docent twee lessen van 45/50 minuten kwijt.

Filmpjes bij de foto’s zijn voorbeelden die gebruikt kunnen worden. Zij tonen de gefotografeerde personen in hun gewone “werkomgeving”.


Download de pdf met het observatieformulier les 1

Bij observatieformulier Les 2

Lesdoel:

Leerlingen leren nauwkeuriger observeren. Zij leren dat het moeilijk om iets te observeren zonder enig vooroordeel en zonder invloed van het eigen referentiekader. Observaties worden altijd gekleurd door dat kader en die oordelen. Door een voorgegeven kader van observeren te geven wordt het mogelijk daar enigszins afstand van te nemen. Leerlingen leren dat stereotypen niet opgaan voor de hele groep.

De gekozen filmpjes zijn naar eigen voorkeur in te perken tot een paar minuten, waarin de specifieke momenten gekozen kunnen worden over de “coming out” van de diverse personen.

NBA Jason Collins Amerikaanse basketballer uit de NBA die in hoog aanzien staat bij fans van deze sport vertelt over zijn homoseksualiteit voor de media.

Reacties van celebraties Amerikaanse beroemdheden reageren op de “coming out” van Jason Collins. Het zijn positieve reacties.

Rapper Rapper Frank Ocean van hiphop formatie Odd Future was in het nieuws vanwege zijn verhaal in het openbaar dat hij verliefd is geweest op een jongen.

Voetballer uit de kast Fragment van het KRO-programma “Uit de kast” van januari 2012, waarin Daan aan zijn voetbalvrienden vertelt dat hij homo is. Zijn beste vriend reageert geschokt. De rest reageert ontspannen. “Uit de kast” is een serie programma’s van de KRO waarin Arie Boomsa jongeren helpt om voor het eerste aan hun ouders/vrienden/familie te vertellen dat zij homoseksueel of lesbisch zijn.

Alle filmpjes zijn op internet terug te vinden of via de link op deze pagina dan wel in het observatieformulier.

Werkwijze:

Na het bekijken van elk filmpje vullen de leerlingen het observatieformulier in. Het is belangrijk om de leerlingen goed te instrueren. Veel leerlingen hebben er baat bij dat zij tijdens het kijken aantekeningen kunnen maken. Licht goed toe dat dit ertoe kan leiden dat zij meer met het opschrijven bezig zijn dan met het observeren, dus dat zij dat het best in heel korte bewoordingen kunnen doen.

Na het bekijken van alle filmpjes maken zij de vijf vragen. Leerlingen leren op die manier reflexief terug te kijken op hun eigen manier van observeren: wat verwachtte ikzelf en klopt dat met de werkelijkheid.

Daarnaast leren zij ook te kijken waarom media aandacht besteden aan deze personen. Als deze lessenserie in het domein massamedia gebruikt wordt bij maatschappijwetenschappen dan is de theorie over nieuwscriteria is hier goed inzichtelijk te maken. De nieuwscriteria in het kort: actueel, opvallend/schokkend, cultureel dichtbij, bekendheid, emotioneel gerelateerd, afwijkend (vaak in negatieve zin), begrijpelijk, beeldmateriaal voorhanden, passend bij het medium, interessant voor de doelgroep, gerelateerd aan (politieke, sociale, culturele, financiële) ontwikkelingen. Hoe meer criteria er gelden voor het nieuwsfeit, hoe hoger de nieuwswaarde.

De vijf vragen uit de opdracht kunnen afhankelijk van de tijd die resteert in de les via een onderwijsleergesprek besproken worden. Is daar geen tijd voor, dan verdient het wel aanbeveling om terug te vragen wat leerlinge ervan vonden om dit te doen.

Tot slot uitleg over het doel van de huiswerkopdracht: Leerlingen komen erachter op welke manier en met welke veronderstellingen er over vrouwelijke en mannelijke homoseksuelen en homoseksualiteit wordt bericht in de media.

Download de pdf met het observatieformulier les 2

Bij Les 3

Lesdoel:

Leerlingen leren dat beeldvorming over mensen door de media op bepaalde manieren wordt gestuurd. Leerlingen verwerken de informatie over één mediatheorie: de zogenaamde injectienaaldtheorie. Leerlingen leren een bepaalde manier van observeren, zodat zij gestructureerd gegevens uit hun observaties kunnen halen.

De injectienaaldtheorie gaat ervan uit dat de boodschap die je wilt uitzenden, het beste door middel van veelvuldige herhaling als het ware druppelsgewijs ingebracht kan worden bij de ontvanger. Deze zal dan die boodschap vanzelf als waar gaan accepteren.

De volgende propagandatechnieken horen daarbij:

Name calling: iemand of iets aanduiden met een woord dat een negatieve gevoelswaarde heeft. Daardoor zal men (on-)bewust die persoon, dat bedrijf, begrip etc. verwerpen.

Glittering generality: omgekeerde van name calling; iemand of iets aanduiden met een positieve connotatie.

Transfer: iets of iemand meer acceptabel maken door een associatie met positieve eigenschappen (deugdzaamheid, prestige, autoriteit). De positieve eigenschappen van dit andere object worden overgebracht op het betreffende object.

Testimonial: een soort verklaring door goede c.q. slechte mensen waardoor iets/iemand in een goed c.q. kwaad daglicht wordt gesteld.

Plain folks: een idee wordt gepresenteerd als afkomstig van het gewone volk. Men suggereert daardoor dat het normaal/gewoon is.

Bandwagon: achterliggend idee is dat mensen zich graag aansluiten bij iets nieuws. Men wil niet achterlopen op de rest. Dus wordt gesuggereerd dat iedereen (uit jouw groep) het ook wel zal willen. (Verschil met de plain folks is dus dat niet wordt gesuggereerd dat iedereen het doet/heeft etc en het dus volkomen normaal is, maar dat er een nieuwe trend is, die je niet mag missen).

Card stacking: argumenten worden selectief gepresenteerd waardoor iemand of iets in een goed dan wel juist een kwaad daglicht wordt gesteld.

Deze gegevens zijn ontleend aan de volgende literatuur: Connie de Boer en Swantje Brennecke, Media en Publiek (Theorieën over media-impact), Boom, Amsterdam, 2004, 5e herziene druk

De opdrachten in de les zijn er op gericht om leerlingen alert te maken op het beeld dat mensen zich vormen dankzij de media als ook vanwege hun eigen referentiekader.

Voor de eerste opdracht m.b.t. het huiswerk is het nodig dat de docent alle binnengekomen werk verzameld en zo nodig benoemt of van een label voorziet. Door de leerlingen zelf categorieën te laten aanbrengen worden zij gedwongen nog eens na te denken over het soort nieuws. Categorieën die gebruikt kunnen worden zijn bijvoorbeeld entertainment, politiek, sport enz. Na de indeling in categorieën kan er op terug gekeken worden, wat dit zegt over de berichtgeving in de afgelopen tijd m.b.t. homoseksualiteit (man en vrouw) en eventueel ook biseksualiteit of transgender.

De tweede opdracht leert leerlingen gestructureerd te observeren, zodat zij ook conclusies kunnen gaan verbinden aan hun observaties. Een onderliggend doel is dat leerlingen door beter te observeren minder snel zullen vervallen in vooronderstellingen en vooroordelen. Zij leren kritischer te kijken en zullen eerder open staan voor andere zienswijzen. Tevens zullen zij hun eigen zienswijze beter leren onderbouwen op basis van de geobserveerde gegevens.

Download de pdf met het werkblad